header hoochsaet

van Hoochsaet naar Hoogzaad

van verleden naar heden

 
Van koopman tot spoorwegwachter

Op 14 februari 1865 gaan ze naar Heerhugowaard. Jan heeft dan het gezamenlijke vermogen er doorheen gejast en gaat werken zoals hij ooit begonnen was: hij is weer dagloner. Negen maanden later vertrekken ze naar Schagen. Jan is dan 41 en Geertje 70 jaar oud. Eerst is Jan nog een tijdje dagloner, maar later vindt hij een baantje bij de HSM, de Hollandsche Spoorweg-Maatschappij, en wordt spoorwegwachter. Vier jaar later overlijdt Geertje op 74 jarige leeftijd en vertrekt Jan naar Zijpe. Hij zal zijn verdere leven spoorwegwachter zijn. Eerst in Schagen en daarna in 1870 in Anna Paulowna. Daar leert hij een collega kennen die Jan de Ruiter heet. Over deze Jan moet iets meer verteld worden. Later wordt dat wel duidelijk. Jan is getrouwd en heeft vier kinderen, twee jongens en twee meisjes. Het oudste meisje wordt nog geen jaar oud. Begin 1873 overlijdt Trijntje de Ruiter, de vrouw van Jan. Weduwnaar Jan Hoogzaad, weduwnaar Jan de Ruiter en zijn dochter Antje vertrekken allen op 25 juni 1874 naar Utrecht. Met z’n drieën gaan ze op de Biltstraat 69e. De beide Jannen gaan bij de NSM werken. Jan raakt verkikkerd op Antje en ruim een jaar later trouwen ze en vestigen zich weer gedrieën op de Ezelsdijk 225b. Een huis met meer privacy voor het pasgetrouwde stel.

Van weduwnaar naar vader
Als de kinderen Trijntje, Willem, hij overlijdt na 10 dagen, en de tweede Willem geboren worden, verhuizen ze naar een grotere woning. Eerst aan de Biltstraat 112 en later, als Maartje en Anne geboren worden naar de Gildestraat I 12. En steeds blijft schoonvader Jan de Ruiter bij hen inwonen. Antje wil voor haar vader blijven zorgen.
 
Over de loopbaan van Jan Hoogzaad bij de Spoorwegen is het volgende bekend:
 

Datum

Functie

Standplaats

Dagloon

20 dec 1865

Wachter

N. Holl. Staatsspoor

ƒ 1,--

2 jun 1877

Wachter

Hilversum-Utrecht

ƒ 1,15

10 mei 1884

Wachter

Hilversum-Utrecht

ƒ 1,25

 
Als Jan op 10 mei 1884 eervol wordt ontslagen, moet hij al een zwakke gezondheid gehad hebben want zeven dagen later overlijdt hij. Vijf dagen daarna sterft hun jongste dochter Anna die nog geen jaar oud is. Antje vertrekt met haar kinderen Trijntje, Willen, Maartje en vader Jan naar de Wagendwarsstraat I 13.
Jan en Antje overlijden beiden in Utrecht resp. in 1891 en in 1907. Daarna gaan de drie kinderen naar Arnhem. Maartje vertrekt als eerste in 1915 gevolgd door letterzetter Willem en hoofdstrijkster Trijntje die beiden in 1919 naar Arnhem gaan.
 
Maartje Hoogzaad is de enige van de drie die trouwt. Met Theo van Aalten krijgt ze een zoon Jan.
Theo was weduwnaar en heeft uit zijn eerste huwelijk twee kinderen.

Af en toe bezoekt Maartje de familie De Ruiter die dan in Alkmaar, Sint Pancras en Noord-Scharwoude woont. Maartje slijt haar laatste levensdagen in het katholieke verzorgingshuis te Nijkerk.